|
Meerdere malen gaf mijn dieselmonteur bij het verwisselen van de brandstof-filters aan dat deze filters sterk vervuild waren. Nu maak ik per jaar ongeveer 100 moter-uren, wat op zich zelf niet zo extreem is. Om die reden heb ik mijn brandstof-tank gereinigd om niet in de problemen te komen dat de moter stopt op een moment dat ik het niet kan gebruiken. Er zijn bij een Fisher34 voor wat de kwaliteit betreft van de dieseltank twee soorten n.l roestvast-staal of een ijzeren tank. Ik heb me laten informeren dat een roestvaste tank eenmeerprijs had bij aanschaf. Die van mijn Fisher was van ijzer, zonder enig mangat om te kunnen zien, hoe sterk de tank vervuild was.Wel zit aan de onderkant een kraantje waardoor een aftap mogelijk is. Om de dieseltank te kunnen inspekteren moest dus vanaf de bovenzijde vanuit de kuip een inspectie opening worden gemaakt. Ed Oelbers had mij eerder geinformeerd dat een inspectie-gat vanuit de moterruimte geen optie was, daar het slingerschot in de tank ervoor zorgt dat je niet achter dit schot kunt komen. Voordat er maar iets aan de tank werd gedaan, werd deze eerst in zijn geheel maar dan geheel leeg gemaakt. Ongeveer 30 cm achter de voet van de bezaan moest een gat in het midden van de kuip gemaakt worden in de afmeting 30 x 40 cm. (40 cm in de lengte van de kuip ) Met een dun boortje ergens op de met potlood afgetekende rechthoek van 30 x 40 op de kuipbodem ,de dikte van het polyester bepaald.Dit om te bepalen met welke grootte van zaag moest worden gezaagd in het polyester en hoeveel ruimte er was tussen polyester en bovenzijde diesel tank. In mijn geval bleek dat de tank bijna tegen het polyester zat, ruimte varieerde van 0,2 -1 cm. Met een decoupeerzaag de rechthoek eruit gezaagd waarbij de hoeken werden afgerond. Na het verwijderen van de uitgezaagde rechthoek keek je meteen tegen de dieseltank aan. De uitgezaagde rechthoek van de kuipbodem was 3,5cm dik en was van een houten middenkern voorzien. Nu werd met een slijpmachine een rechthoek in de boven- zijde van de tank geslepen waarbij 2 cm werd vrij gelaten gemeten uit de rechthoek van de kuip-bodem. Met een grote deken werd voorkomen dat vonken die door het slijpen werden veroorzaakt, het polyester van de kuip zouden inbranden. De uitgeslepen ijzeren rechthoek van de tank was niet dikker dan 2mm. Het gat wat in de tank was gemaakt was groot genoeg om te konstateren dat de tank op de bodem ernstig vervuild was.De staande kanten waren nog blinkend en niet vervuild, het veticale slingerschot bleek dwars iets uit het midden van de tank te zijn aangebracht. Om de bodem van de tank beter te kunnen bereiken werd het slingerschot eveveneens uitgeslepen. Het gat in de tank was ruim genoeg om liggend op de kuipvloer met een plamuur-mes de drap van de tankbodem af te schrapen .Twee emmers vol drap van de bodem af geschrapt !!!! De bodem van de tank bleek iets geroest dit in tegenstelling tot de staande kanten. De bodem met een schuur machine zeer goed gereinigd van de roest vorming. Nadat de bodem eveneens blinkend schoon gemaakt was, de tank met stoffer en blik en daarna met een stofzuiger in zijn geheel van stof gereinigd. Hierna werd de gehele binnenkant ook het plafond een viertal keer met thinner ontvet. Dit moest om er zeker van te zijn dat de coating die met kwast en roller zou worden aan gebracht goed op het metaal zou hechten. De coating die gebruikt is, is een twee komponenten coating bestand tegen diesel-olie en hydrauliek-olieen. Deze coating aanbrengen bracht je in hoger sferen ondanks het gebruik van een beschremend masker. Na uitharding van ongeveer een week werd met het sluiten van de tank begonnen. Om het gemaakte inspectie gat te kunnen afsluiten werd in roestvast staal een deksel dik 5mm van 30 x 40 cm gemaakt. Een cm uit de nog zichtbare metalen rand van de tank werden om de 5cm gaten rond 8mm geboord .Een roestvast stalen krans werd aan de binnenkant tegen de bovenzijde van de tank zodanig met popnagels bevestigd dat de geboorde gaten rond 8mm voorzien van draad korresponderen met de gaten van de tank en afsluitende deksel. Een dieselolie bestendigde pakking tussen deksel en tank geleged waarna met bouten M8 de deksel aan de tank werd vast gebout. Na afsluiting van de tank, werd met twee hart houten latten een oplegging voor de uitgezaagde polyester kuip rechthoek gecreëerd. Om het geheel waterdicht te krijgen werden de opstaande rand van kuipvloer en deksel royaal voorzien van kit en werd de deksel in het gat van de kuipvloer geplaatst.Om de deksel tijdens uitharding van de kit goed op zijn plaats te houden werd een zwaar voorwerp gebruikt. Na uitharding van de kit werd de overtollige kit verwijderd. Het resultaat is dat je nauwelijks ziet dat er een gat in kuipvloer gemaakt is, het gat water-dicht is en dat bij een eventuele latere inspectie van de tank eenvoudig door het verwijderen van het gat in de vloer kan worden geinspecteerd. Ik ben blij dat ik deze exercitie gemaakt heb en ik heb de idee dat meerdere Fishers aan deze exercitie toe zijn . Waneer nog vragen : John van Iperen |
|